Handhavingsgrens vangletsel pluimvee verlaagd

Vanaf 1 januari 2024 zal de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) handhavend optreden als er bij 1% of meer van de dieren in een koppel pluimvee vangletsel wordt geconstateerd. Dan wordt een bestuurlijke boete opgelegd aan zowel pluimveehouders als aan de vangploegen. Met de lagere handhavingsgrens zet de NVWA in op verdere verbetering van het welzijn van pluimvee tijdens het vangen en het transport. Tot 1 januari as. wordt nog de oude handhavingsgrens van 2% gehanteerd.

Het is wettelijk verboden om dieren te vervoeren of te laten vervoeren op een zodanige wijze dat het de dieren letsel of onnodig lijden berokkent. Pluimvee wordt in containers vervoerd van de pluimveehouderij naar het slachthuis. De dieren worden daarvoor op de boerderij door zogeheten vangploegen gevangen en in de containers gedaan. Als dit onzorgvuldig gebeurt, kunnen dieren letsel oplopen. Het gaat dan bijvoorbeeld om een gebroken vleugel of ernstige bloedingen. Gewonde dieren lijden erge pijn tijdens het vervoer en bij het onbedwelmd kantelen en/of aanhangen in het slachthuis.

Flinke daling overtredingen

Uit naleefmetingen en de bevindingen uit het dagelijks toezicht blijkt dat het aantal overtredingen bij de binnenlandse koppels de afgelopen jaren flink is gedaald. Hieruit concludeert de NVWA dat de sector in staat is om pluimvee rustiger te vangen en zorgvuldiger met dieren om te gaan. Door het verlagen van de handhavingsgrens verwacht de NVWA dat het welzijn van pluimvee tijdens het proces van vangen en transporteren nog beter gewaarborgd wordt. In de loop van 2023 voert de NVWA opnieuw een naleefmeting vangletsel uit.

Overgangstermijn

Inmiddels heeft de NVWA de sectorvertegenwoordigers per brief op de hoogte gesteld en verzocht om de achterban te informeren. De NVWA heeft de datum van 1 januari 2024 gekozen om de sector de gelegenheid te geven om het proces van vangen en laden verder te optimaliseren en vangletsel verder terug te dringen.

Bron: NVWA