Op 10 januari is Verordening (EU) 2023/2842 in werking getreden. Daarmee heeft de Europese Unie de visserijcontrole fundamenteel heringericht. Toezicht verschuift van steekproeven en documentcontrole naar continue digitale bewijsvoering, ketenbreed en gestandaardiseerd. Vangst, transport en verhandeling van visserijproducten moeten in toenemende mate digitaal beschikbaar zijn voor controle.
Officieel dient de verordening de bestrijding van overbevissing en fraude. In de praktijk betekent zij dat naleving niet langer achteraf wordt beoordeeld, maar vooraf en tijdens de handel plaatsvindt. Wie niet tijdig en correct digitaal kan voldoen, loopt vertraging op die direct doorwerkt in markttoegang.
Een sector die al krimpt
De invoering komt op een moment dat de Nederlandse visserij al structureel onder druk staat. Volgens Agrimatie telde Nederland in 2024 nog 519 actieve visserijvaartuigen, tegen 579 in 2022 en 625 in 2013. In 2023 werd de vloot verder verkleind via sanering: voor 54 kotters is definitief saneringssubsidie toegekend door de Rijksoverheid.
Die cijfers laten geen tijdelijke dip zien, maar een trend. In die context is Verordening (EU) 2023/2842 geen aanscherping, maar extra druk op een sector die als onder economische en ruimtelijke druk staat.
Wat de verordening concreet verandert
De NVWA heeft de verordening vertaald naar praktische verplichtingen met vaste ingangsdata. De kern ligt bij 10 januari 2026, met een vervolgstap in 2028.
- Vanaf 10 januari 2026 gelden strengere eisen voor digitale traceerbaarheid. Herkomst, vangstgegevens en verhandeling moeten volledig en digitaal beschikbaar zijn voor alle schakels die handelen in of handelingen verrichten met visserijproducten.
- Vanaf die datum wordt ook het digitale platform CATCH verplicht voor import en export van visserijproducten van en naar derde landen. Handel zonder correcte digitale vangstcertificering is dan niet meer mogelijk.
- Daarnaast wordt het elektronisch indienen van vervoersdocumenten verplicht, voorafgaand of tijdens transport. Weegregisters worden expliciet onderdeel van toezicht; inspecteurs kunnen digitale of papieren inzage eisen en bij afwijkingen handhavend optreden.
- Digitale cross checks worden een kerninstrument voor snelle, geautomatiseerde controle op vangst en aanvoer.
- Vanaf 10 januari 2028 wordt mobiel VMS (Vessel Monitoring System) verplicht voor vaartuigen kleiner dan 12 meter. Een satelliet- of mobiel communicatiesysteem waarmee de positie, snelheid en koers van een vissersvaartuig automatisch worden doorgegeven aan de autoriteiten.
Kortom, de nieuwe controleverordening betreft veel extra ketenverplichtingen.
Dezelfde regels, ongelijk effect
Voor grotere bedrijven is de verandering niet dat data moet worden vastgelegd. Dat gebeurde al. De wezenlijke wijziging is dat data de toegangspoort wordt, en dat die poort voor derde landen via één verplicht platform loopt. Als CATCH hapert, hapert de logistiek. Compliance wordt daarmee mede afhankelijk van de prestaties van een centraal systeem.
Voor kleinere bedrijven zit de impact in vaste lasten per kilo. Traceerbaarheid per partij, identificatie, digitale overdracht, alles moet op orde zijn, altijd. De NVWA beschrijft dit als praktische ketenplicht, en dat raakt juist bedrijven die met veel soorten, kleine volumes en snelle doorloop werken.
Hier ontstaat het selectie-effect: grote bedrijven kunnen investeren in IT, procedures en foutcorrectie. Kleine bedrijven betalen hetzelfde systeem, maar zonder schaalvoordeel.
CATCH als praktijkvoorbeeld
De livegang van CATCH maakte dit systeemrisico direct zichtbaar. Eind januari 2026 berichtte de Financial Times over vastlopende zendingen, foutmeldingen, beperkte invoeropties en containers die bleven staan doordat het platform niet stabiel functioneerde.
Dit is kenmerkend voor verplichte digitale poorten. Naleving hangt niet alleen af van de eigen administratie, maar ook van de beschikbaarheid en werking van het systeem dat gebruikt móét worden.
Het bezwaar van de sector
De Europese Raad presenteert de herziening als noodzakelijke modernisering van visserijcontrole om overbevissing tegen te gaan. Dat doel is politiek breed gedragen.
De bezwaren van de sector richten zich niet op het doel, maar op proportionaliteit en uitvoerbaarheid. VisNed kwalificeerde de herziening bij het akkoord als overregulering. Niet omdat toezicht onwenselijk is, maar omdat standaardisatie van bewijsvoering automatisch leidt tot standaardisatie van ketens.
Dat heeft markteffecten. Minder spelers betekent minder variatie, minder regionale dynamiek en grotere afhankelijkheid van grootschalige stromen en import. Dat vergroot de kwetsbaarheid bij verstoringen en verkleint de diversiteit in aanbod.
Waar de besluitvorming scheef liep
Achteraf bezien is het patroon herkenbaar. De sector heeft deze verordening te lang benaderd als een administratieve aanscherping, terwijl het in werkelijkheid ging om digitale controle en sturing.
Terugkijkend had de sector op vijf EU-momenten moeten instappen, met de juiste mensen aan tafel. Toen de Europese Commissie het ontwerp aan het maken was, had de sector harde grenzen moeten neerleggen met o.a. proportionaliteit voor klein en een noodprocedure bij systeemuitval. Omdat de Commissie met een conceptvoorstel komt met data die je later bijna niet meer uit de wet krijgt.
En op het moment dat het Europees Parlement het dossier oppakte had de sector nog maatregelen kunnen nemen omdat je daar de tekst nog echt kan veranderen.
In Den Haag had men moeten afdwingen dat Nederland in de Raad een harde lijn trekt vóórdat de Raad zijn onderhandelingsmandaat vastzet. Na dat moment verschuift invloed naar details en is het te laat om de kern te stoppen. Dan gaat het alleen nog om schadebeperking: fasering, definities, foutmarges en fallback.
En na inwerkingtreding had de keten vóór de deadlines gezamenlijk moeten optrekken en standaardiseren (klein én groot). De kernfout was dat men de nieuwe controleverordening te lang zag als extra administratie, terwijl het feitelijk een digitale EU-datapoort is die bepaalt welke informatie telt en wie zonder vertraging kan meedoen.
Geen incident, maar een bredere EU-lijn
De visserij is geen uitzondering. Hetzelfde patroon is zichtbaar bij EUDR, waar markttoegang eveneens afhankelijk wordt van een centraal EU-informatiesysteem. Niet toevallig is de toepassing daarvan uitgesteld, mede vanwege zorgen over uitvoerbaarheid en digitale gereedheid.
De EU stuurt steeds vaker via datasystemen. Niet door prijzen of volumes vast te leggen, maar door te bepalen welk bewijs telt, in welk format en op welk moment. Wie het systeem beheert, beheert de toegang.
Conclusie
Verordening (EU) 2023/2842 vergroot toezicht en uniformiteit, maar verplaatst kosten en risico’s naar een keten die al structureel krimpt. De startproblemen met CATCH laten zien dat een verplichte digitale poort niet alleen fraude kan bestrijden, maar ook handel kan blokkeren.
Zonder harde proportionaliteit en robuuste fallback-regels werkt deze verordening als versnelde marktselectie. Schaal wint. Klein verdwijnt. En de Nederlandse vismarkt wordt uniformer en afhankelijker van grote stromen. Dat is geen bijwerking. Dat is het gevolg.
Bron: https://www.nvwa.nl/onderwerpen/visserij/controleverordening