Voor- en nadelen eten van vis (kwik)

Het wetenschappelijk comité van de Belgische voedselwaakhond FAVV heeft een nieuw advies uitgebracht over de voor- en nadelen van vis consumptie in relatie tot de blootstelling aan kwik naar aanleiding van een uitgebreid consumptie-onderzoek.

Voordelen eten van vis

Vis en zeevruchten zijn waardevolle bronnen van essentiële voedingsstoffen, zoals eiwitten, lange keten meervoudig onverzadigde omega-3-vetzuren zoals EPA (eicosapentaeenzuur) en DHA (docosahexaeenzuur), jodium, selenium en vitamine D. Ze bieden een interessant alternatief voor vlees en vleesproducten.

Nadelen eten van vis

Maar vis kan ook contaminanten bevatten zoals kwik. Een of twee keer per week vis eten kan als veilig worden beschouwd wat betreft de blootstelling aan anorganisch kwik en methylkwik. Idealiter variëren herkomst en vissoorten van week tot week om de blootstelling aan kwik te beperken. Uit de Belgische gegevens blijkt dat zwaardvis en tonijn het meest met kwik besmet zijn.

Kwik (Hg) is een metaal dat zowel uit natuurlijke als uit antropogene bronnen in het milieu terechtkomt. Nadat het in het milieu is terechtgekomen, ondergaat het complexe transformaties en cycli tussen atmosfeer, land en watersystemen. Tijdens deze biogeochemische cyclus worden mensen, planten en dieren blootgesteld aan kwik, wat kan leiden tot verschillende gezondheidseffecten.

In welke vis zit veel kwik?

De hoeveelheid kwik houdt verband met de leeftijd van de vis en de positie van de vissoort in de voedselketen; roofvissen en oudere vissen hebben hogere concentraties dan andere. In tegenstelling tot sommige contaminanten is het kwikgehalte niet gerelateerd aan het vetgehalte van de vis en daarom wordt kwik niet beschouwd als een probleem dat vooral met vette vis wordt geassocieerd. Enkele vissoorten die gewoonlijk hogere concentraties kwik bevatten zijn haai, zwaardvis en marlijn. Roofvissen in zoet water kunnen ook een bron zijn van blootstelling aan kwik via de voeding.

Consumptieadviezen eten van vis

Verordening (EG) nr. 1881/2006 van de Commissie (Europese Commissie, 2006) stelt maximumgehalten vast voor bepaalde contaminanten, waaronder kwik, in levensmiddelen. Aangezien kwik vooral aanwezig is in vis (voornamelijk in de vorm van methylkwik), heeft Europa gekozen voor maximumgehalten voor kwik in vis en zeevruchten.

De lidstaten moeten in de jaren 2022, 2023, 2024 en 2025 controles uitvoeren op de aanwezigheid van methylkwik en totaal kwik in vis, schaal- en weekdieren, teneinde gedetailleerde gegevens te verzamelen over de aanwezigheid van kwik en informatie over het effectieve effect van de verlaagde maximumgehalten voor bepaalde vissoorten op de algehele blootstelling van de consument aan kwik. Het advies over de consumptie van vis is ook een belangrijk instrument voor risicobeheer om de gunstige effecten van visconsumptie ten volle te benutten en tegelijkertijd de risico’s van kwikvergiftiging te beperken. Het FAVV beveelt de NVWA en andere bevoegde autoriteiten van de lidstaten aan nationale consumptieadviezen op te stellen en deze actief bekend te maken.

Rapport FAVV: https://www.favv-afsca.be/wetenschappelijkcomite/adviezen/2022/_documents/20230324_HGR-9343_Visenkwik_vFinal.pdf